Rechtsverwerking kan niet alleen op grond van tijdsverloop worden aangenomen. De schuldeiser (de inschrijver) moet zich naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid zodanig gedragen hebben dat deze zich met goed fatsoen niet kan beroepen op diens recht.
In dit geval was de afgewezen inschrijver op de hoogte van een onrechtmatigheid in de winnende inschrijving en uit zijn houding en gedrag kon de aanbestedende dienst afleiden dat deze geen procedure zou starten. Daarnaast zou de positie van de aanbestedende dienst onredelijk worden benadeeld als het contract alsnog aan de afgewezen inschrijver zou worden gegund. (LJN:BO1568, 25 oktober 2010)