Abnormaal lage inschrijving

PIANOo vat uitspraken samen en en beschrijft in het kort de relevantie voor de praktijk. Deze uitspraken over 'abnormaal lage inschrijving' vallen onder de rubriek 'selectie en gunning'.

  • Bij een te lage prijs kan de aanbestedende dienst navraag doen of de aangeboden prijs wel klopt. Het is dan aan de aanbestedende dienst om te bepalen of de inschrijving abnormaal laag is en hierom de inschrijving af te wijzen. Als aan de inschrijver blijkt dat deze een fout heeft gemaakt bij de inschrijving, is het aan de inschrijver of deze zich beroept op dwaling (als dat mogelijk is), of dat deze de inschrijving gestand doet.

  • Een beroepsprocedure moet binnen de gestelde termijn (alcatel-termijn, 15 dagen) bij de juiste rechtbank worden ingesteld. Als deze bij de verkeerde rechtbank wordt aangebracht vertraagt dit de procedure. Als de belangen van de aanbestedende dienst hierdoor niet onevenredig worden geschaad, dit niet opzettelijk is gedaan en de aanbestedende dienst hiervan op de hoogte was is de procedure op tijd ingesteld.
    Een inschrijving met een onrealistisch lage prijs die onvoldoende wordt onderbouwd mag terzijde worden gelegd. (LJN: BO9283, 26 november 2010)

  • Strategisch inschrijven mag. Manipulatief inschrijven waardoor de beoordelingssystematiek zo wordt gemanipuleerd dat het daarmee beoogde doel wordt verstoord, zoals bijvoorbeeld het aanbieden van realistische prijzen, mag niet. (LJN: BO0109, 6 oktober 2010)

  • Bij een abnormaal lage prijs kan een aanbestedende dienst er niet vanuitgaan dat de aangeboden prijs juist is.
    Wat een partij wil en wat deze verklaart moet overeenkomen. Als dit niet het geval is en dit voor de andere partij duidelijk moet zijn, mag er niet alleen worden afgegaan op de verklaring. In dat geval komt er geen overeenkomst tot stand. (LJN:BM3618, 6 mei 2010)

  • Een abnormaal lage inschrijving mag buiten beschouwing worden gelaten. Dit is het geval als een aanbestedende dienst met een zodanig lage inschrijvingssom wordt geconfronteerd, dat hij gegronde redenen heeft te vrezen dat de inschrijver een fout heeft gemaakt of een dumpprijs heeft geboden om letterlijk tegen elke prijs de opdracht te krijgen. In dit soort gevallen zal de inschrijver in de uitvoeringsfase proberen om zijn al dan niet ingecalculeerde verlies goed te maken door te beknibbelen op de uitvoering van de opdracht. De aanbestedende dienst heeft dan ook een rechtmatig belang bij het ter zijde leggen van een dergelijke inschrijving. (LJN: BK4044, 5 november 2009)

  • Aanbieders moeten gelijk worden behandeld en moeten in gelijke mate inzicht hebben in de voorwaarden van de aanbesteding. Dit mede met het oog op een goede controle achteraf. In het bestek en het aanbestedingsbericht moeten voorwaarden en procedures op een duidelijk, precieze en ondubbelzinnige wijze zijn geformuleerd.
    Als (blijkt dat de) gunningscriteria niet door iedereen op dezelfde wijze kunnen worden uitgelegd mag de aanbestedende dienst de aanbesteding intrekken terwijl er al een voornemen tot gunning was. (LJN: BK0731, 1 oktober 2009)

  • Een aanbestedende dienst is niet verplicht om abnormaal lage inschrijvingen ongeldig te verklaren. (LJN: BJ9772, 24 sepember 2009)

  • Het is niet verplicht om abnormaal lage inschrijvingen af te wijzen. Andere inschrijvers kunnen zich dus niet verzetten tegen de gunning omdat er sprake is van een abnormaal lage bieding.
    Het gelijkheidsbeginsel geeft aan dat alle inschrijvers gelijke kansen moeten krijgen. Dat één van de inschrijvers een kennisvoorsprong heeft, betekent nog niet dat dit in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. Dit zal alleen het geval zijn als hierdoor de mededinging wordt vervalst of uitgeschakeld. (LJN: BJ7569, 16 september 2009)

  • Het Hof geeft aan dat niet lichtvaardig mag worden besloten tot het overdoen van een aanbesteding gezien de kosten die hiermee gemoeid zijn. Een geringe fout van de aanbestedende dienst waardoor de uitkomst niet wijzigt geeft hier geen aanleiding toe. Al helemaal niet als de reden voor het bezwaar is gelegen in de mogelijkheid om strategisch in te schrijven. (LJN:BI5096, 12 mei 2009)

  • Maximumtarieven opnemen bij gunning op emvi (economisch meest voordelige inschrijving) mag in dit geval. Bij vaststellen van de maximumtarieven moet men zich oriënteren op de relevante markt. Er hoeft geen onderzoek te worden gedaan naar kostendekkendheid. De rechtsbeschermingsrichtlijn leidt ertoe dat als een belang van een inschrijvende partij is geschonden er ter bescherming van deze partij een rechtsmiddel beschikbaar moet zijn. (LJN: BH6192, 24 maart 2009)