Lidstaten mogen daarnaast nationale bepalingen opnemen welke bijdragen aan de naleving van de richtlijnen. De richtlijnen hebben immers tot doel de nationale procedures te coördineren. Hierbij zijn de gelijkheid van de inschrijvers, de transparantie van de procedure en het evenredigheidsbeginsel van de genomen maatregel van belang.
(C-213/07, 16 december 2008)
Trefwoorden: Werken, limitatieve karakter uitsluitinggronden, ontvankelijkheid Hof van Justitie
De Griekse overheid heeft in haar grondwet staan dat het niet is toegestaan om "aandeelhouder, etc." te zijn van een vennootschap in de media als men tevens "aandeelhouder, etc." is van een vennootschap in de werkensfeer.
Pantechniki heeft een 'verklaring van geen onverenigbaarheid' gekregen en is dus niet betrokken bij de media. Pantechniki krijgt de opdracht gegund. Michaniki is het met de afgifte van de verklaring en de daarmee samenhangende gunning niet eens en gaat naar de rechter.
De Griekse rechterlijke instantie vraagt zich af of het opnemen van een dergelijke bepaling in de grondwet wel is toegestaan. Voordat zij uitspraak doet vraagt de Griekse rechter het Hof van Justitie of er niet sprake is van een limitatief karakter aan de gronden waarop uitsluiting kan plaatsvinden (art. 24, eerste alinea, richtlijn 93/37, hoofdstuk 2, criteria voor kwalitatieve selectie, Bao artikel 45 lid 3). Zij stelt hierom de volgende vragen aan het Hof van justitie:
De drempel van de richtlijn wordt overschreden en dus is het Hof bevoegd de richtlijn uit te leggen. Het Hof kan dit weigeren als de vraag over gemeenschapsrecht geen enkel verband houdt met de kwestie waarover de zaak handelt. Het Hof is niet bevoegd om het nationale recht uit te leggen noch te oordelen over verenigbaarheid van het nationale recht met het gemeenschapsrecht. Wel mag zij de rechter de tools aanreiken die nodig zijn om een uitspraak te kunnen doen.
Vraag 1
De richtlijnen hebben tot doel de nationale procedures te coördineren. In artikel 24 staat de regeling waaraan inschrijvers moeten voldoen om een aanbieding te mogen doen en de regels met betrekking tot gunning van een opdracht. De gemeenschapswetgever heeft de objectieve uitsluitinggronden opgenomen in de richtlijn. Bij deze uitsluitinggronden kan in twijfel kan worden getrokken of de opdrachtnemer de opdracht wel (volledig) kan uitvoeren. Deze uitsluitinggronden houden verband met de professionele bekwaamheid. De uitsluitinggronden mogen derhalve niet worden aangevuld. Zij zijn limitatief.
Naast de objectieve uitsluitinggronden mogen uitsluitingmaatregelen worden genomen die er voor zorgen dat het beginsel van gelijke behandeling alsmede het beginsel van transparantie in acht wordt genomen. Deze maatregelen mogen volgens het evenredigheidsbeginsel niet verder gaan dan noodzakelijk zijn om het doel te bereiken.
Vraag 2 en 3
De richtlijn moet er toe leiden dat er geen onrechtmatige begunstigingen door de overheid plaatsvinden. Er mag dus geen voorkeur worden gegeven aan binnenlandse opdrachtnemers. Om het beginsel van gelijke behandeling en transparantie te waarborgen komt de lidstaten eigen bevoegdheid toe. Elke lidstaat is namelijk zelf het best in staat om diens achtergrond te beoordelen en de daarbij horende maatregelen te nemen. Door inwerking van de macht van de media op aanbestedingsprocedures te voorkomen wordt de media onafhankelijk gehouden.
De bepaling is opgenomen overeenkomstig de doelstelling van de richtlijn om inschrijvers gelijk te behandelen en transparant aanbestedingsprocedures te voeren. Echter deze is niet evenredig. Het sluit namelijk een groot deel van de potentiële opdrachtnemers op voorhand uit.
Het komt er dus op neer dat het Hof van Justitie de bepaling in de grondwet te ver vindt gaan om de doelstellingen van gelijkheid en transparantie te bereiken. De Griekse rechter kan uitspraak doen in de bij hem voorliggende zaak.
(PIANOo, 20 januari 2009)
Lees voor nuancering de volledige uitspraak
op Eur-Lex.
Arrest van het Hof (grote kamer) van 16 december 2008 in zaak C-213/07, Michaniki tegen Ethniko Symvoulio Radiotileorasis, Ypourgos Epikrateias (de nationale raad voor radio en televisie en de minister van Algemene Zaken)
(Bron: ICER- Ministerie van BuZa)
Lees de volledige signaleringsfiche.