De Wmo 2015 in praktijk

Bron: SCP  

De publicatie WMO 2015 in de praktijk beschrijft de uitvoering van de Wmo 2015 in de lokale praktijk. Het gaat zowel over de invulling van het lokale Wmo-beleid door gemeenten als over de uitvoering daarvan door de diverse partijen in het veld en over de ervaringen van betrokkenen. Vele partijen zijn betrokken bij de Wmo 2015 en ieder van hen heeft een eigen perspectief. (januari 2018)

Op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) voert het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) over de periode 2015 tot en met 2017 de landelijke evaluatie uit van de Hervorming Langdurige Zorg (HLZ).

Doel evaluatie

Het doel van de evaluatie Hervorming Langdurige Zorg (hlz) is te bepalen of de langdurige zorg en ondersteuning zich ontwikkelt in de richting die de wetgever voor ogen had. De evaluatie richt zich daarbij op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015, de Wet langdurige zorg (Wlz), de wijkverpleging en de intramurale op behandeling gerichte ggz.

Onderzoek

De centrale vragen van dit onderzoek zijn:

  • Hoe pakken gemeenten – in samenwerking met betrokken partijen – de hen onder de Wmo 2015 toebedeelde opdracht op?
  • Welke veranderingen in de uitvoeringspraktijk zijn merkbaar sinds de invoering van de Wmo 2015?

De onderzoekers spraken in zes gemeenten met een grote groep verschillende respondenten: beleidsmedewerkers, Wmo-coördinatoren, Wmo-consulenten, aanbieders van zorg en ondersteuning, hulpverleners en ondersteuners, zorgverzekeraars, belangenbehartigers, burgerinitiatieven en Wmo-cliënten (of hun mantelzorgers). Daarnaast zijn middels een enquête op landelijke schaal gegevens verzameld over gemeentelijk beleid en de ervaringen van gemeenten.

Wmo 2015 in de praktijk

Het rapport beschrijft dat bij aanvang van de Wmo 2015 gemeenten vooral bezig zijn geweest met het organiseren van de overgang en het waarborgen van continuïteit van ondersteuning. Na de eerste twee jaren komt langzamerhand ruimte voor vernieuwing. Gemeenten hebben de Wmo 2015 op vele verschillende manieren ingericht en een grote groep verwacht in de nabije toekomst nog wijzigingen door te voeren. De uitgangspunten van de Wmo 2015 worden breed gedragen onder de betrokken partijen, maar bij de uitwerking in de praktijk loopt men tegen knelpunten aan. De Wmo 2015 heeft een positieve impuls gegeven aan de samenwerking tussen de diverse partijen, al zijn er ook de nodige belemmeringen voor integrale dienstverlening en onderlinge afstemming. Het zicht op resultaten van de Wmo 2015 is in gemeenten vaak (nog) beperkt.

Aanbestedingen

In het rapport wordt ook ingegaan op enkele aspecten van aanbestedingen en hoe gemeenten en aanbieders dit ervaren hebben. In het eerste jaar na de invoering van de Wmo 2015 was er onder aanbieders veel onduidelijkheid. Ervaren aanbieders geven aan dat zij nog steeds veel tijd kwijt zijn aan de aanbestedingen en de administratie. Gemeenten geven vaak korte aanbestedingscontracten aan aanbieders voor de levering van ondersteuning voor een periode van een of twee jaar. De korte looptijd van contracten lijkt deels voort te komen uit de onzekere situatie waarin gemeenten in 2015 verkeerden, en zorgde daarmee tegelijkertijd voor veel onzekerheid omtrent financiering onder aanbieders. Veel aanbieders vertelden dat zij zich hierdoor niet goed op langetermijndoelen konden richten. Het lijkt er op dat langzamerhand vaker contracten voor langere tijd worden afgegeven. Daarmee komt ook weer meer ruimte voor vernieuwing.

Rapport