Eindrapportage Expertnetwerk Schaduwprijzen 2018

In de afgelopen 4 sessies van het expertnetwerk Schaduwprijzen in 2018 is veel gedeeld en geleerd in lijn met het algemene doel van dit expertnetwerk: het verkennen van scherpere en bredere inzet van schaduwprijzen bij inkoop in de publieke sector, met de focus op interne CO2-beprijzing. Hieruit zijn vijf hoofdaanbevelingen gekomen voor het experimenteren met een scherpere en bredere toepassing van interne CO2-beprijzing in publieke inkoop in 2019. (november 2018)

Het expertnetwerk Schaduwprijzen is geïnitieerd door Rijkswaterstaat en PIANOo als onderdeel van één van de tien leernetwerken om klimaatneutraal en circulair inkopen bij overheden te bevorderen. Het doel van het expertnetwerk is om te verkennen hoe schaduwprijzen scherper en breder ingezet kunnen worden bij publieke inkoop. Dit moet bijdragen aan de ambitie van het kabinet om de CO2-uitstoot in deze kabinetsperiode met 1 megaton te verminderen, door inkoop in alle lagen van de overheid.

CO2-beprijzing

Het expertnetwerk bestaat uit ervaringsdeskundigen en inkopers uit de publieke sector, leveranciers en adviseurs die met schaduwprijzen hebben gewerkt. Onder begeleiding van energie- en klimaatadviesbureau Ecofys, a Navigant company hebben de experts in vier sessies een eerste verkenning gedaan om te onderzoeken waar schaduwprijzen al in publieke inkoop worden gebruikt en welke mogelijkheden er zijn om het breder toe te passen. Hierbij lag de focus op het toepassen van schaduwprijzen op de uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen, ofwel interne CO2-beprijzing.

Uit de ervaringen van de experts is gebleken dat interne CO2-beprijzing al in de vorm van CO2-schaduwbeprijzing in aanbestedingen in de grond-, water- en wegenbouw (GWW) sector wordt ingezet en het heeft geleid tot offertes met een lagere CO2-voetafdruk. Hierbij wordt DuboCalc gebruikt, een rekentool opgezet door Rijkswaterstaat, waarin de milieukosten van broeikasgassen en tien andere milieueffecten van offertes worden berekend. Offertes met lagere milieukosten krijgen vervolgens een groter gunningsvoordeel. De ervaring leert echter dat het administratief vrij veel werk is om aanbestedingen met DuboCalc te organiseren en dat niet altijd alle benodigde data in DuboCalc zit. Dit weerhoudt vooral decentrale overheden en kleinere projecten deze vorm van interne CO2-beprijzing met DuboCalc te gebruiken.

Aanbevelingen

De inzichten van de experts hebben geleid tot 5 hoofdaanbevelingen voor het experimenteren met een scherpere en bredere toepassing van interne CO2-beprijzing in publieke inkoop in 2019, waarbij de eerste aanbeveling betrekking heeft op huidige toepassingen in de GWW-sector en de laatste 4 op nieuwe productcategorieën:

  • Experimenteer met het strenger, sterker, simpeler en explicieter inzetten van interne CO2-beprijzing in huidige toepassingen (GWW-sector).
  • Start pilots met interne CO2-beprijzing in inkoop bij de meest veelbelovende productcategorieën op alle niveaus van de overheid.
  • Stel richtlijnen en handleidingen op die specificeren hoe de pilots moeten worden opgezet.
  • Begin de pilots bij welwillende overheden. Zorg dat er één duidelijke trekker is met mandaat en genoeg resources (tijd, ondersteuning en geld).
  • Richt de pilots zo in dat alle elementen van een interne CO2-beprijzingssysteem (draagvlak, ontwerp, tool, uitvoering, monitoren en externe factoren) getest en geëvalueerd kunnen worden.

Deze aanbevelingen dienen tevens als inbreng voor het advies van de Taskforce CO2-schaduwbeprijzing aan het bestuurlijk overleg over activiteiten voor 2019.

Rapport