Herbeoordeling en motivering (week 11)

De vraag is aan de orde of DNB de inschrijving van eiseres, uitgaande van de herbeoordeling die heeft plaatsgevonden, hoger had moeten waarderen en haar als winnende inschrijver alsnog de opdracht moet gunnen, danwel tot een herbeoordeling of heraanbesteding moet overgaan. (Voorzieningenrechter Rechtbank Amsterdam 8 januari 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:1082)

Feiten en omstandigheden

Op 28 juni 2018 heeft De Nederlandsche Bank N.V. (hierna: DNB) de Europese aanbesteding “Uitbesteding aanbestedingsprocedures en kwaliteitscontrole” voor de inkoop van diensten in verband met haar aanbestedingsprocedures aangekondigd. Op 3 september 2018 heeft eiseres op de opdracht ingeschreven.

Bij bericht van 23 oktober 2018 heeft DNB aan eiseres meegedeeld dat haar inschrijving is afgewezen omdat zij niet de hoogste score heeft gehaald. Zij heeft voorts te kennen gegeven dat zij voornemens is de opdracht te gunnen aan bedrijf 1 en met eiseres (nu zij als tweede is geëindigd) de Wachtkamerovereenkomst wil sluiten.

Eiseres heeft in de vorm van een beoordelingsformulier een schriftelijke terugkoppeling ontvangen over de scores op de verschillende onderdelen. Hieruit volgt dat bedrijf 1 op het onderdeel kwaliteit 48 punten hoger heeft gescoord dan eiseres. Op het onderdeel prijs heeft eiseres van alle inschrijvers de meeste punten ontvangen omdat zij de laagste prijs heeft geoffreerd.

Bij brief van 20 november 2018 heeft DNB aan eiseres meegedeeld dat zij een nieuw voorlopig gunningsbesluit geeft genomen. De conclusie van deze herbeoordeling is dat bedrijf 1 nog steeds de beoogd winnaar van de aanbesteding is, zij het met een kleiner puntenverschil ten opzichte van eiseres dan voorheen.

Beoordelingscommissie

De enkele omstandigheid dat de beoordelingscommissie ook de initiële beoordeling heeft uitgevoerd maakt niet dat zij geen herbeoordeling kan uitvoeren. Er zijn ook geen andere aanwijzingen gebleken waaruit kan worden afgeleid dat de beoordelingscommissie bevooroordeeld is. Zo heeft DNB eerder noch met eiseres noch met bedrijf 1 samengewerkt.

Herbeoordeling

Dat DNB slechts de inschrijvingen van eiseres en bedrijf 1 heeft herbeoordeeld en niet alle inschrijvers daarbij heeft betrokken is niet in strijd met aanbestedingsrechtelijke beginselen. Eiseres heeft geen eigen belang bij dit verweer.

De prijscomponent

Uit het door DNB als productie 3 in het geding gebrachte lege Prijzenblad dat bij het BD was gevoegd en door de Inschrijvers moest worden gebruikt volgt voldoende duidelijk dat er 8 te beoordelen onderdelen waren. Eiseres had dat als professionele, normaal oplettende en behoorlijk geïnformeerde inschrijver moeten begrijpen. Bovendien, als eiseres was gestuit op een onduidelijkheid dan had het op haar weg gelegen hierover in een eerder stadium een vraag te stellen. Dit heeft zij niet gedaan.

Medior/senior

Zoals eiseres heeft uiteengezet volgt uit o.a. uit het Prijzenblad en de door haar overgelegde beschrijving van Wens 3 voldoende duidelijk dat ‘junior inkoper’ een verschrijving is en dat een medior inkoper is bedoeld. DNB heeft in haar nieuwe gunningsbesluit onder 2 deze verschrijving hersteld, zoals haar is toegestaan. De onzorgvuldigheid heeft voor deze procedure geen verder gevolg.

Puntentelling bedrijf 1

DNB heeft haar interne gunningsadvies van 18 oktober 2018 overgelegd waarin op pagina 5 staat dat bedrijf 1 op het betreffende onderdeel een score van 200 heeft behaald. Hieruit blijkt voldoende duidelijk dat in het beoordelingsformulier ten onrechte een score van 160 punten is opgenomen. Dit betreft een kennelijke verschrijving, die op andere plaatsen ten onrechte is overgenomen. Eiseres had dat als professionele, normaal oplettende en behoorlijk geïnformeerde inschrijver moeten begrijpen.

Gelet op het voorgaande is geen sprake van gunning in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. .

Motivering

De nieuwe schriftelijke herbeoordeling is conform art. 2.130 van de Aanbestedingswet voldoende gemotiveerd. De puntenscore is voldoende concreet onderbouwd en steeds is duidelijk gemaakt wat wordt gemist of niet duidelijk is. Ter vergelijking is per wens steeds de score van de winnaar kenbaar gemaakt en zonodig een aanvullende vergelijking gemaakt. DNB is niet gehouden ter verificatie ook de motivering van de aan de winnaar toegekende punten kenbaar te maken omdat dit zich niet verdraagt met de belangen die andere inschrijvers hebben bij de geheimhouding van bedrijfsvertrouwelijke en concurrentiegevoelige informatie.

De voorzieningenrechter gaat per Wens in op de motivering, daarbij geldt als uitgangspunt dat enige mate van subjectiviteit inherent is aan de beoordeling van een kwalitatief criterium. Aan de aangewezen, deskundige beoordelingscommissie moet de nodige vrijheid worden gegund, te meer nu van de rechter niet kan worden verlangd dat hij specifieke deskundigheid bezit op het gebied van het onderwerp van de opdracht. De voorzieningenrechter concludeert dat voorshands niet aannemelijk is geworden dat DNB de inschrijving van eiseres niet overeenkomstig de beoordelingssystematiek heeft beoordeeld of dat sprake is van een onbegrijpelijke beoordeling, dan wel evidente onjuistheden in de beoordeling waardoor deze hoger moet worden gewaardeerd of een nieuwe herbeoordeling of aanbesteding moet plaatsvinden.

Slotsom

De vorderingen worden afgewezen.

(IBR, 13 maart 2019)

Lees voor nuancering de volledige uitspraak  op rechtspraak.nl