Niet voldaan aan vormvereiste (week 48)

De aanbestedende dienst (Dunea) heeft de inschrijvingen beoordeeld op vormvereisten en volledigheid. Uit deze beoordeling is gebleken dat de inschrijving van Wavin niet voldoet aan de vormvereisten. De inschrijving wordt terzijde gelegd.  Wavin maakt bezwaar tegen de terzijdelegging van haar inschrijving. (Voorzieningenrechter Rechtbank Den Haag 21 november 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:13844)

Feiten en omstandigheden

Dunea heeft een niet-openbare aanbestedingsprocedure georganiseerd voor de levering van kunststof buizen en hulpstukken voor drinkwaterleidingen vervaardigd van PVC (polyvinylchloride) en PE (polyetheen), met als gunningscriterium de 'beste prijs-kwaliteitverhouding'.

Dunea heeft vier marktpartijen uitgenodigd voor het doen van een inschrijving, waarop alleen Wavin en Dyka zijn ingegaan.

De inschrijving van Wavin is terzijde gelegd.

Vormvereiste

In de Inschrijvingsleidraad  is uitdrukkelijk opgenomen dat de beschrijving voor wat betreft subgunningscriterium 7 (Kwaliteitsbewaking productie & Klachtenregeling) maximaal 3 A4'tjes mag beslaan. Daarnaast vermeldt Bijlage 1 van de leidraad expliciet dat van de inschrijvers wordt verlangd dat zij ter zake van dat criterium een 'document' opstellen van maximaal drie pagina's op A4-formaat. Daarmee wordt onmiskenbaar aangegeven dat de totale omvang van het document dat bij de inschrijving wordt gevoegd met het oog op subgunningscriterium 7 in totaal uit niet meer dan 3 A4'tjes mag bestaan. Wavin heeft dat, als behoorlijk geïnformeerd en normaal oplettend inschrijver, ook moeten kunnen begrijpen. In verband met subgunningscriterium 7 heeft Wavin bij haar inschrijving gevoegd een document van in totaal 22 pagina's. Daarmee overschrijdt zij dus ruimschoots de door Dunea gestelde voorwaarde. Daaraan doet niet af dat slechts 2,5 pagina's van het document worden gevormd door een - zoals Wavin het noemt - 'beschrijving' en de overige pagina's door een voorblad, een inhoudsopgave en (een overzicht betreffende) negen bijlagen. Daarbij is nog van belang dat in de 'beschrijving' op verschillende plaatsen uitdrukkelijk wordt verwezen naar de inhoud van bepaalde bijlagen. Dit kan niet anders worden uitgelegd dan dat Wavin de inhoud van de bijlagen relevant acht voor de beoordeling van haar inschrijving, wat zich niet verhoudt met haar stelling dat de bijlagen buiten beschouwing kunnen/moeten worden gelaten. Met Wavin en Dyka moet dan ook worden geoordeeld dat het document (van 22 pagina's) als één geheel dient te worden beschouwd.

In paragraaf 3.3.3 van de Inschrijvingsleidraad is opgenomen dat een inschrijving die niet voldoet aan de in hoofdstuk 4 vermelde voorwaarden en vereisten als ongeldig wordt aangemerkt. De bevoegdheid van Dunea tot ongeldigverklaring van een inschrijving in een dergelijke situatie is ook nog eens beschreven in paragraaf 4.1.3 van de Inschrijvingsleidraad.

Een en ander brengt mee dat Dunea de inschrijving van Wavin op goede gronden als ongeldig terzijde heeft gelegd.

Ongeldigheid inschrijving Dyka

Voor wat betreft subgunningscriterium 1 (Volledigheid leveringspakket) is aan de inschrijving van Dyka een score van 7,5 toegekend, aangezien Dyka - volgens Dunea - een viertal verlangde producten niet kan leveren. Dit laatste heeft Dyka erkend. Wavin stelt zich op het standpunt dat Dyka in totaal elf - door Dunea verlangde - producten niet kan leveren, zodat de inschrijving van Dyka voor wat betreft het eerste subgunningscriterium nul punten had moeten scoren. Op grond hiervan dient de inschrijving van Dyka te worden herbeoordeeld, wat zou kunnen meebrengen dat deze alsnog ongeldig moet worden verklaard.

Tussen enerzijds Wavin en anderzijds Dunea en Dyka is dus in geschil of Dyka in staat is een zevental - in het PvE voorkomende - producten te leveren aan Dunea. Op de zitting is duidelijk geworden dat het daarbij gaat om zeven PVC-O-buizen in de zogenoemde 'SDR41-klasse', voor wat betreft de diameter en de wanddikte variërend tussen 110 mm en 315 mm, respectievelijk 2,7 mm en 7,7 mm.

Dyka heeft op de zitting gesteld dat zij de betreffende (7) PVC-O-buizen wel degelijk kan leveren aan Dunea. Wavin heeft dit niet voldoende gemotiveerd weersproken, zodat van de juistheid ervan zal worden uitgegaan. Dit leidt tot de conclusie dat het onderhavige bezwaar van Wavin tegen de (beoordeling van de) inschrijving van Dyka faalt. Overigens heeft Dunea op de zitting aangegeven dat - indien bij de uitvoering van de opdracht blijkt dat Dyka producten levert die niet voldoen aan de daaraan in de aanbestedingsstukken vermelde eisen - zij daaraan consequenties zal verbinden.

Ondeugdelijke beoordelingssystematiek
Wavin heeft zich tot slot beroepen op een ondeugdelijke beoordelingssystematiek, om welke reden - volgens haar - moet worden overgegaan tot heraanbesteding. Dat beroep strandt reeds omdat Wavin haar rechten in dat verband heeft verwerkt, gelet op het bepaalde in de Inschrijvingsleidraad. Gesteld noch gebleken is dat Wavin daarover eerder heeft geklaagd, terwijl redelijkerwijs moet worden aangenomen dat zij die mogelijkheid ook al in een (veel) eerder stadium van de aanbestedingsprocedure had. Wavin heeft geen deugdelijk argument naar voren gebracht waarom zij dat heeft nagelaten.

Slotsom

De slotsom is dat de vorderingen van Wavin zullen worden afgewezen.

(IBR, 28 november 2018)

Lees voor nuancering de volledige uitspraak  op rechtspraak.nl