Te laat klagen over niet-gunbare opdracht vanwege langlopende contractsverplichtingen (week 32)

De Politie heeft onderhoudsopdracht gegund aan ECC. Autron is van mening dat onderhoud aan de beeldwand onderdeel is van een langlopende contractuele verhouding tussen haar en de Politie, en dat deze dus niet twee keer gegund kan worden. (Voorzieningenrechter Rechtbank Den Haag 4 april 2018, C/09/547496 / KG ZA 18/122 , ECLI:NL:RBDHA:2018:9119)

Feiten

In 2010 heeft de Politie een Europese aanbesteding uitgeschreven voor de nieuwbouw van schietbaancomplex de Yp in Den Haag. Één van de percelen in deze aanbesteding betrof de schietbaaninrichting. Autron heeft ingeschreven op de aanbesteding van de Yp, op het perceel betreffende de schietbaaninrichting. Bij haar inschrijving van 28 april 2010 was gevoegd een service level agreement (onderhoudscontract). In artikel 6 van deze service level agreement staat vermeld dat de overeenkomst wordt aangegaan voor de duur van twaalf maanden en dat de overeenkomst wordt geacht steeds stilzwijgend voor een periode van één jaar te zijn verlengd, tenzij een van partijen tenminste twee maanden voor het einde van de lopende periode de overeenkomst schriftelijk opzegt. De opdracht betreffende de schietbaaninrichting van de Yp is aan Autron gegund. In verband hiermee hebben Autron en de Politie een aannemingsovereenkomst gedateerd 3 augustus 2010 ondertekend. Partijen hebben noch bij het sluiten van de eerste aannemingsovereenkomst noch bij het nadien sluiten van de gewijzigde aannemingsovereenkomst of op een ander moment een service level agreement / onderhoudscontract ondertekend.

Op 19 mei 2017 heeft de Politie een Europese aanbesteding Onderhoud binnenschietaccommodatie (hierna: ‘de aanbesteding Onderhoud’) aangekondigd. Bij brief van 29 mei 2017 heeft de Politie aan Autron bericht dat zij alle lopende overeenkomsten met Autron zoveel mogelijk per 31 december 2017 wil laten eindigen, zodat de winnaar van de aanbesteding Onderhoud met ingang van 1 januari 2018 diensten kan gaan verlenen.

Autron heeft tijdig een inschrijving ingediend. Bij brief van 13 november 2017 van de Politie is aan Autron bericht dat de Politie voornemens is de opdracht voor perceel 6 van de aanbesteding Onderhoud te gunnen aan ECC en dat Autron als tweede is geëindigd. Bij brief van 18 januari 2018 heeft de Politie aan Autron bericht dat de resultaten uit het nader onderzoek geen aanleiding hebben gegeven om de gunningsbeslissing van 13 november 2017 te herzien en dat de Politie deze gunningsbeslissing voor perceel 6 daarom handhaaft.

Autron vorder de Politie te verbieden tot gunning aan ECC over te gaan en de tot heraanbesteding over te gaan voor zover de aanbesteding inbreuk maakt op lopende onderhoudscontracten met Autron. Autron voert aan dat uit artikel 2 van de aannemingsovereenkomst van 26 januari 2011 voor de nieuwbouw van de Yp blijkt dat aan Autron een opdracht tot onderhoud voor “de beeldwand” is verstrekt voor een periode van 10 jaar.

Tussen partijen is niet in geschil dat het onderhoud aan de beeldwand van de Yp onderdeel is van hetgeen de Politie in perceel 6 wil aanbesteden. Kern van het geschil tussen partijen is of de Politie perceel 6 aan ECC mag gunnen, of dat een volgens Autron lopende overeenkomst daaraan in de weg staat.

Tijdig geklaagd?

Voor zover er al sprake is van een voortdurende overeenkomst tussen partijen met betrekking tot het onderhoud van de beeldwand van de Yp – waarover in het navolgende nog nader zal worden overwogen – leidt dat er niet toe dat de Politie in het kader van de aanbesteding Onderhoud niet tot gunning van perceel 6 aan ECC over kan gaan. Autron was er vanaf het begin van de aanbestedingsprocedure mee bekend dat de aanbesteding van perceel 6 mede betrekking had op het onderhoud van de beeldwand in de Yp. Desondanks heeft zij deelgenomen aan de aanbesteding en heeft zij door inschrijving op die aanbesteding uitdrukkelijk ingestemd met alle daaraan verbonden eisen en voorwaarden (vgl. paragraaf 4.2.1 van de inschrijvingsleidraad). Zij heeft, binnen de mogelijkheden die daartoe binnen de aanbestedingsprocedure golden, op geen enkele wijze (tijdig) bezwaar gemaakt tegen de aanbesteding van het onderhoud van de beeldwand van de Yp en heeft daarover ook in het kader van de inlichtingenrondes geen vragen gesteld. Onder deze omstandigheden heeft Autron, gezien ook het bepaalde in paragraaf 6.7 van de inschrijvingsleidraad, haar recht verwerkt om nu nog te klagen over gunning van perceel 6 in verband met de volgens haar nog lopende overeenkomst.

Het voorstaande wordt niet anders door de omstandigheid dat Autron zich in de e-mail van 29 mei 2017 op het standpunt heeft gesteld dat er ten aanzien van het onderhoud van de beeldwand van de Yp een langjarige niet opzegbare overeenkomst gold. Op dat standpunt is Autron voorafgaand aan de inschrijving niet terug gekomen. Onder deze omstandigheden mocht de Politie er van uitgaan dat Autron (alsnog) instemde met de modaliteiten van de aanbesteding en hoefden andere potentiële inschrijvers ook geen rekening te houden met een onderbreking van de aanbestedingsprocedure.

Ook aan de subsidiaire vordering ligt de stelling ten grondslag dat Autron tot 31 december 2023 op grond van een overeenkomst het onderhoud aan de beeldwand van de Yp uitvoert en dat de Politie die overeenkomst met Autron moet nakomen.

Slotsom

De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af.

(IBR, 8 augustus 2018)

Lees voor nuancering de volledige uitspraak  op rechtspraak.nl