Sociaal inkopen begint bij kennisverbreding (Marktontmoeting Sociale ondernemingen, 7 november 2019)

Toon pagina in menu

Bijdragen aan een inclusieve en duurzame samenleving door producten en diensten af te nemen van sociaal ondernemers. Het klinkt eenvoudig. Toch kunnen inkopende organisaties en sociale ondernemers elkaar nog niet zo gemakkelijk vinden. Waar ligt dat aan en hoe kan het beter?

Vindbaarheid en zichtbaarheid

Sociale ondernemingen zijn onvoldoende vindbaar voor publieke inkopers en overheden in het algemeen. Inkopende organisaties weten vaak niet in welke branches en met welke producten en diensten sociale ondernemers actief zijn. En welke oplossingen bieden ze eigenlijk voor welke maatschappelijke vraagstukken? Hoewel er websites zijn waar sociale ondernemingen worden gepresenteerd, is er nog veel te verbeteren ten aanzien van de vindbaarheid en kenbaarheid van sociaal ondernemers voor inkopende organisaties. Omgekeerd is aanbesteden soms een complex fenomeen waar sociaal ondernemers vaak niet genoeg vanaf weten, onvoldoende zicht op hebben en een tekort aan capaciteit voor hebben.

Meer ontmoetingen op regionaal niveau

Om sociaal inkopen een impuls te geven, is het van belang dat inkopers en sociaal ondernemers elkaar beter leren kennen. Persoonlijke ontmoetingen tussen inkoop- en beleidsmedewerkers en sociale ondernemers zorgen voor nieuwe netwerkcontacten. Een mooi voorbeeld is de casus van de glasbewassing van de Hogeschool Utrecht (HU). De HU ging er in eerste instantie vanuit dat er geen sociale onderneming te vinden zou zijn voor de glasbewassing. Door het actief opvolgen van een tip opgedaan op een netwerkbijeenkomst, kwam de hogeschool uit bij de sociale onderneming Breedweer.

(Regionale) ontmoetingen rond een bepaald inkoopvraagstuk of een specifieke maatschappelijke opgave van een publieke organisatie, zou de samenwerking met sociale ondernemingen versterken. Daarnaast verdient het aanbeveling om marktontmoetingen te organiseren waarbij minimaal één sociale onderneming aan tafel zit.

Kennisverbreding over vormen van sociaal inkopen

Bij sociaal inkopen wordt al snel gedacht aan een social-return-clausule, maar er zijn diverse andere mogelijkheden. Zo maakt artikel 2.82 van de Aanbestedingswet het voorbehouden van opdrachten mogelijk aan bedrijven met minstens 30 procent gehandicapte of kansarme werknemers. Daarnaast is er de vereenvoudigde aanbestedingsprocedure voor sociale en andere specifieke diensten (SAS-diensten), die meer ruimte laat voor eigen invulling dan de reguliere procedures.

Zowel onder inkopende organisaties als sociale ondernemingen is er behoefte aan kennisverbreding over de verschillende procedures en aan verhalen uit de praktijk.

Samen een totaal diensten- en productenpakket verzorgen

Kleinere sociale ondernemingen beschikken vaak niet over het totale diensten- en productenpakket dat in de uitvraag staat. Als sociale ondernemingen onderling samenwerken, en reguliere ondernemingen en sociale ondernemingen met elkaar, is dit te omzeilen. In eerste instantie ligt hier een opgave voor de sociale ondernemingen zelf. Maar gemeenten en andere publieke organisaties kunnen samenwerking wel bevorderen door met deze mogelijkheid rekening te houden in de marktontmoetingen en de inrichting van de aanbestedingsprocedures.

Duidelijkheid over de gewenste sociale impact

Sociale ondernemers ervaren verschillen in de ambities en verwachtingen van publieke organisaties om sociale impact te realiseren. Voor de ondernemers is het niet altijd duidelijk welke sociale impact wordt verwacht, hoe dit aspect meeweegt in de besluitvorming en hoe de impact zichtbaar moet worden gemaakt. Er zijn verschillende methodes van sociale impactmeting op de markt, zoals het Impactpad , maar het ontbreekt aan een duidelijke lijn vanuit de publieke organisaties.

Over de marktontmoeting

Marktontmoeting met sociaal ondernemers
Aantal deelnemers: 35, waarvan 50 procent sociaal ondernemers
Sprekers: Annemarie van Gaal (Start Foundation), Marcella van Room (PIANOo), Joske Paumen (Code sociale ondernemingen), Jack Stuifbergen (Breedweer), Mark van Dortmont (Hogeschool Utrecht)
Bureau: Radar Advies.

De leernetwerken worden gefinancierd met klimaatgeld uit het regeerakkoord. Hiermee geeft de Rijksoverheid via inkoop een impuls aan de transitie naar een klimaatneutrale en circulaire economie. Klimaatenveloppe: impuls klimaatneutraal en circulair inkopen