Wekelijkse samenvattingen jurisprudentie

Wekelijks publiceren wij samenvattingen van uitspraken. Hieronder kunt u de samenvattingen raadplegen, de samenvattingen worden ongeveer een half jaar bewaard in onderstaand overzicht. De samenvattingen worden gemaakt door Instituut voor Bouwrecht (IBR).

  • In dit geschil komt onder andere de vraag aan de orde of de ingediende inschrijving al dan niet ongeldig was en of het uitgebrachte deskundigenbericht onafhankelijk was. (Hof Amsterdam 30 januari 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:304)

  • Eiseres heeft tapijttegels en –stroken ingeleverd van een andere producent dan voorgeschreven. UWV heeft de inschrijving van Iedema in haar twee gunningsbeslissingen uitgesloten van (verdere) beoordeling omdat eiseres heeft nagelaten om - zoals in het geval van een andere producent dan voorgeschreven - een rapport van een onafhankelijk testinstituut in te dienen ter zake van de Kleurechtheid-Licht van haar Desso-producten. De te beantwoorden vraag is of die beslissing gerechtvaardigd was. (Voorzieningenrechter Rechtbank Amsterdam 21 november 2017, nr. KG ZA 17-1040, ECLI:NL:RBAMS:2017:9375)

  • Appellant is er niet in geslaagd aan te tonen dat er een substantiële kans was dat zonder onrechtmatige daad of toerekenbare tekortkoming de opdracht aan hem zou zijn gegund. (Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 22 augustus 2018, ECLI:NL:OGHACMB:2017:158)

  • De gemeente heeft op grond van haar aanbestedingsbeleid kunnen kiezen voor een meervoudig onderhandse aanbestedingsprocedure. Op de zitting heeft zij gemotiveerd welk objectief criterium haar keuze voor de drie geselecteerde ondernemers heeft bepaald. Er is geen aanleiding de gunning aan de winnende inschrijver te verbieden. (Voorzieningenrechter Rechtbank Zeeland-West-Brabant 1 december 2016, ECLI:NL:RBZWB:2016:7571)

  • [C] heeft in strijd met de aanbestedingsstukken niet alleen zelfstandig maar ook als onderaannemer van [D] ingeschreven. Dit heeft wel de ongeldigheid van de inschrijving van [D] tot gevolg, maar leidt niet tot ongeldigheid van de inschrijving van [C]. (Voorzieningenrechter Rechtbank Oost-Brabant 5 februari 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:541)

  • De motivering van de gunningsbeslissing maakt voldoende duidelijk wat de kenmerken en relatieve voordelen van de uitgekozen inschrijving zijn geweest. Daarnaast is onvoldoende onderbouwd dat de beoordeling van de gunningscriteria ondeugdelijk is. De in dit kader ter zitting aangevoerde voorbeelden worden wegens strijd met de goede procesorde buiten beschouwing gelaten. (Voorzieningenrechter Rechtbank Den Haag 12 februari 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:1501)

  • Twee bij Lloyd's of London aangesloten „syndicates" zijn van deelneming aan eenzelfde openbare aanbestedingsprocedure voor verzekeringsdiensten uitgesloten op grond van de enkele reden dat hun respectieve offertes zijn ondertekend door de algemeen vertegenwoordiger van Lloyd's of London voor die lidstaat en daarmee door dezelfde persoon. Dat had niet gemogen. Onderzocht had moeten worden of de offertes niet onafhankelijk zijn geformuleerd. (Hof van Justitie EU 8 februari 2018, nr. C-144/17, CELEX:62017CJ0144)

  • Ook de vordering van SDW om de Gemeente Rotterdam te gebieden de opdracht voor het verrichten van door Magis010 te verrichten diensten aan te besteden wordt afgewezen. Er is immers geen sprake van een jaarcontract. Het is bovendien, in beginsel en binnen de kaders van de toepasselijke wet- en regelgeving, aan Gemeente Rotterdam om te kiezen tussen aan- en inbesteden. (Voorzieningenrechter Rechtbank Rotterdam 22 december 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:10383)

  • Kern van het geschil tussen partijen is de vraag welke partij verantwoordelijk is voor de inning van de eigen ritbijdrage bij de geïndiceerde reizigers. Het standpunt van de gemeente Almelo c.s. is dat [X] uit de aanbestedingsstukken had kunnen en moeten begrijpen dat zij verantwoordelijk is voor de inning van de eigen ritbijdrage. [X] stelt zich kort gezegd op het standpunt dat uit de aanbestedingsstukken volgt dat de gemeente Almelo c.s. voornemens waren het callcenter met de inning van de eigen ritbijdrage te belasten en nergens staat dat [X] die taak op zich zou moeten nemen. (Voorzieningenrechter Rechtbank Overijssel 2 februari 2018, ECLI:NL:RBOVE:2018:337)

  • In dit geschil komt de vraag aan de orde of al dan niet voldaan is aan een geschiktheidseis. (Voorzieningenrechter Rechtbank Gelderland 5 januari 2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:375)