Beoordeling inschrijvingen niet apert onjuist of onredelijk (week 37)
Beoordeling van de kwaliteit | motiveren gunningsbeslissing
De gemeente Winterswijk is in november 2025 een Europese openbare aanbestedingsprocedure gestart die betrekking heeft op de uitbesteding en migratie van de ICT-infrastructuur naar een zogenaamde infrastructure as a service-omgeving. PQR vordert de gemeente te gebieden de gunningsbeslissing in te trekken. De voorlopige gunningsbeslissing van 21 mei 2026 van de gemeente bevat een motivering van de eindscore van de inschrijving van PQR. In die motivering komen verschillende onderwerpen aan bod, die volgens de gemeente verklaren waarom de inschrijving van PQR niet als winnende inschrijving is geëindigd. De conclusie van de rechter is dat de beoordeling niet apert onjuist of onredelijk is. (ECLI:NL:RBGEL:2026:6946, Rechtbank Gelderland, Datum uitspraak 2 september 2026, Datum publicatie 11 september 2026)
Feiten en omstandigheden
De gemeente Winterswijk is in november 2025 een Europese openbare aanbestedingsprocedure gestart die betrekking heeft op de uitbesteding en migratie van de ICT-infrastructuur van de gemeente naar een zogenaamde infrastructure as a service-omgeving (IaaS-omgeving). De gemeente heeft geïnteresseerde marktpartijen de gelegenheid geboden om vragen te stellen over de opdracht. In totaal zijn vier Nota’s van Inlichtingen (NvI’s) verschenen, waarin alle vragen en antwoorden zijn opgenomen. PQR en SLTN hebben, naast enkele andere partijen, op de opdracht ingeschreven. De beoordelingscommissie van de gemeente heeft alle inschrijvingen beoordeeld. Op 21 mei 2026 heeft de gemeente haar voorlopige gunningsbeslissing aan -in ieder geval- PQR kenbaar gemaakt, die luidt dat de inschrijving van SLTN is beoordeeld als de inschrijving met de beste prijs-kwaliteitverhouding met een puntenscore van in totaal 75,86 en dat de inschrijving van PQR als tweede is geëindigd met een puntenscore van 75,75. PQR heeft voor de kwaliteitscriteria Digitale soevereiniteit & veiligheid (KC1), Regie & samenwerking (KC2) en Continuïteit & gebruikservaring (KC3) een goed gescoord. Voor het criterium Projectplanning & migratierisico (KC4) heeft PQR een voldoende gescoord. PQR kan zich niet in deze uitkomst vinden en heeft in dat verband een toelichtend gesprek met de gemeente aangevraagd, welk gesprek op 28 mei 2026 heeft plaatsgevonden. Hetgeen tijdens dit gesprek is besproken, heeft er niet toe geleid dat PQR zich bij het gunningsvoornemen heeft neergelegd danwel de gemeente dat gunningsvoornemen heeft ingetrokken. PQR vordert de gemeente te gebieden de gunningsbeslissing in te trekken. Het oordeel van de rechter:
Niet apert onjuist of onredelijk
“De voorlopige gunningsbeslissing van 21 mei 2026 van de gemeente bevat -zoals hiervoor reeds besproken- een motivering van de eindscore van de inschrijving van PQR. In die motivering komen verschillende onderwerpen aan bod, die volgens de gemeente verklaren waarom de inschrijving van PQR niet als winnende inschrijving is geëindigd. Zo heeft de gemeente met betrekking tot de relatieve voordelen van de winnende inschrijving bij kwaliteitscriterium KC4 opgemerkt dat SLTN in haar inschrijving een expliciete toezegging heeft gedaan dat de bestaande ICT-omgeving tijdelijk as-is in beheer wordt genomen tijdens fase 1a van de opdracht, waar dat bij PQR niet het geval is. Hoewel PQR betoogt dat ook zij een dergelijke expliciete toezegging heeft gedaan en als zodanig heeft beschreven in haar inschrijving, zodat dit niet als relatief voordeel voor SLTN kan, althans mag gelden, is dit niet aannemelijk geworden. De toezegging dat het beheer as-is wordt overgenomen komt niet met zoveel woorden in de inschrijving van PQR voor en hetgeen PQR wél over dit onderwerp heeft vermeld, kan in het licht van de verdere uitwerking daarvan, niet als eensluidend worden aangemerkt. Zonder enige bedrijfsgevoelige informatie uit de inschrijving van PQR prijs te geven, is bijvoorbeeld een zichtbaar verschil aanwezig tussen de wijze waarop SLTN de ondersteuning aan het ICT-team van de gemeente op dit onderdeel heeft vormgegeven en de wijze waarop PQR dat heeft gedaan. Dat de gemeente de inschrijvingen van PQR en SLTN op dit onderdeel niet één op één vond overeenkomen, zoals PQR wel betoogt, komt dan ook niet als evidente fout danwel apert onjuist of onredelijk voor.”
‘Zachte landing’
Ditzelfde geldt voor de beoordeling van de door SLTN aangeboden stabilisatieperiode en de enkele testperiode voor AutoCAD-werk in fase 1a, waar PQR naar eigen zeggen ook een ‘zachte landing’ heeft voorgesteld respectievelijk doorlopende, herhalende en automatische testen aanbiedt. Dat de inschrijvingen van PQR en SLTN op dit onderdeel qua proces en uitvoeringshandelingen anders zijn ingestoken, is op zichzelf niet in geschil en de beoordelingscommissie van de gemeente komt nu eenmaal de beoordelingsvrijheid toe om andersluidende c.q. anders ingerichte aanbiedingen ook anders te waarderen en beoordelen. Dat maakt de beoordeling niet apert onjuist of onredelijk.
Niet ‘uitstekend’
“Verder heeft PQR nog een aantal bezwaren aangevoerd ten aanzien van de motivering en punten op kwaliteitscriteria KC1 tot en met KC3. Volgens haar is de beoordeling op meerdere punten ten onrechte negatief geweest. Dit getuigt echter van een verkeerde lezing van de motivering. In de motivering zijn aandachtspunten genoemd maar die hebben niet als zodanig scoreverlagend gewerkt. PQR heeft op alle onderdelen van KC1 tot en met KC3 ‘goed’ gescoord. De lat om ‘uitstekend’ te oordelen ligt een stuk hoger. Uit de aanbestedingsstukken volgt dat daarvoor nodig is dat de inschrijving duidelijke meerwaarde heeft ten opzichte van de visie en de strategie van de gemeente en dat de inschrijving overtuigend is uitgewerkt en goed onderbouwd. PQR heeft echter in het geheel niet gesteld dat en waarom haar inschrijving een echte meerwaarde oplevert en op welke punten die dan overtuigend is uitgewerkt en goed onderbouwd. Dat brengt mee dat -wat zij verder ook met betrekking tot verschillende onderdelen van haar inschrijving heeft opgemerkt- in het kader van deze procedure niet kan worden aangenomen dat de beoordeling van de gemeente op de hiervoor genoemde onderdelen een evidente fout bevat danwel apert onjuist of onredelijk is.”
De rechter wijst de vorderingen van PQR af.
VdLC publishers/consultants BV, 16 september 2026
Lees de volledige uitspraak op rechtspraak.nl