Gemeente Zwijndrecht was niet onnodig formalistisch (week 27 en 28)
Herstel kleine fout
De gemeente Zwijndrecht is op 28 november 2025 een meervoudige onderhandse aanbestedingsprocedure gestart voor een raamovereenkomst voor de herinrichting van het project Grondzeiler e.o. in Heerjansdam Noord. Kuipers vordert om de gemeente te gebieden het besluit tot terzijdelegging van de inschrijving van Kuipers van 13 februari 2026 in te trekken. Volgens de rechter heeft de gemeente de inschrijving van Kuipers op goede gronden ongeldig kunnen verklaren en was zij niet gehouden om Kuipers de gelegenheid te bieden haar fout te herstellen. In dat licht volgt de rechter Kuipers niet in haar standpunt dat de gemeente zich onnodig formalistisch heeft opgesteld. (ECLI:NL:RBROT:2026:6848, Rechtbank Rotterdam, Datum uitspraak 28 mei 2026, Datum publicatie 29 juni 2026)
Feiten en omstandigheden
De gemeente Zwijndrecht is op 28 november 2025 een meervoudige onderhandse aanbestedingsprocedure gestart voor het sluiten van een raamovereenkomst voor het vervangen van het riool en de herinrichting van het project Grondzeiler e.o. in Heerjansdam Noord. De gemeente heeft vijf ondernemingen in de gelegenheid gesteld op de opdracht in te schrijven, waaronder Kuipers en Kroes. Zij hebben tijdig ingeschreven; Kuipers heeft dat gedaan op 3 februari 2026. In de brief van 13 februari 2026 van de gemeente aan Kuipers, met als onderwerp: ‘voornemen afwijzing’, staat, voor zover van belang:
“Gebleken is dat noch de laagste inschrijver noch de op één na laagste inschrijver een rechtsgeldige inschrijving heeft gedaan. De inschrijving van Kroes (…) voldoet aan de gestelde eisen en heeft de op twee na laagste prijs, en ik ben dan ook voornemens de opdracht voor deze aanbesteding aan deze organisatie te gunnen.”
Kuipers vordert om de gemeente te gebieden het besluit tot terzijdelegging van de inschrijving van Kuipers van 13 februari 2026 en de gunningsbeslissing aan Kroes in te trekken. Het oordeel van de rechter:
Eigen keuze
“Het is de eigen bewuste en vrije keuze van Kuipers geweest om niet het up-to-date NSX-bestand te gebruiken voor haar inschrijving van 3 februari 2026, maar de mutaties handmatig door te voeren in het achterhaalde RSX-bestand. Hierbij heeft Kuipers een fout gemaakt. Kuipers heeft onterecht in haar inschrijving de vervallen bestekpost [nummer] laten staan en ingevuld, wat rechtstreeks invloed heeft gehad op de aanneemsom waarmee zij heeft ingeschreven. Hierdoor is de inschrijving van Kuipers tot stand gekomen op basis van andere uitgangspunten dan die welke uit de aanbestedingsstukken volgen. Daardoor is deze niet zonder meer vergelijkbaar met de inschrijvingen van de overige inschrijvers die zich, behoudens één andere inschrijver, wel hebben gehouden aan de instructies en het voorgeschreven gebruik van het NSX-bestand. Dat objectief kenbaar, eenvoudig en logisch terug te rekenen is met welke aanneemsom Kuipers had willen inschrijven, indien en voor zover zij bestekpost [nummer] niet had laten staan, omdat de inschrijving verder alle gegevens bevat die de gemeente in staat stelt om de inschrijving van Kuipers te beoordelen, laat onverlet dat gemelde fout het gevolg is van deze bewuste keuze van Kuipers. De gekozen aanpak om handmatig mutaties door te voeren werkt, zo blijkt wel, fouten in de hand. De gevolgen hiervan komen voor rekening en risico van Kuipers, zoals ook in 2 onder het kopje ‘juistheid en volledigheid’ in de deelnamevoorwaarden staat vermeld.
Gecorrigeerde inschrijvingsstaat
“Kuipers heeft vervolgens – zonder aan de gemeente verduidelijking aan te bieden dan wel zonder door de gemeente om verduidelijking te zijn gevraagd, waartoe op het eerste gezicht ook geen noodzaak bestond – na ontvangst van de voorlopige gunningsbeslissing (en dus enige tijd na het sluiten van de inschrijvingstermijn) als eerste reactie bij haar bezwaar een gecorrigeerd inschrijvingsbiljet met daarbij een gecorrigeerde inschrijvingsstaat van het bestek ‘herinrichting’ ingediend die beide zijn gedateerd op 19 februari 2026. De bestekpost [nummer] (van 160,00 euro) heeft Kuipers in deze inschrijvingsstaat weggelaten en zij heeft de toegepaste percentages voor algemene kosten, winst en risico opnieuw berekend. Hierdoor is de totale inschrijfsom in de inschrijvingsstaat en het biljet naar beneden aangepast met een totaalbedrag van 179,65 euro. Met de indiening op 19 februari 2026 van de herziene inschrijvingsstaat en het herziene inschrijvingsbiljet heeft Kuipers een nieuwe inschrijving aangeboden met een herziene prijs (Kuipers heeft immers cijfermatige aanpassingen verricht). Zij heeft het prijsinvulformulier gewijzigd waardoor sprake is van een ontoelaatbare wezenlijke wijziging van de inschrijving met terzijdelegging tot gevolg. Kuipers betoogt wel dat slechts sprake is van een feitelijke wijziging en niet van een verboden wijziging, maar daarin volgt de voorzieningenrechter Kuipers op grond van het vorenstaande dus niet. Dat het hier gaat om een overzichtelijk bedrag dat volgens Kuipers geen doorslaggevende invloed heeft op de concurrentie, doet daaraan niet af.”
Gelet op het voorgaande heeft de gemeente de inschrijving van Kuipers op goede gronden ongeldig kunnen verklaren en was zij niet gehouden om Kuipers de gelegenheid te bieden haar fout te herstellen. In dat licht volgt de voorzieningenrechter Kuipers niet in haar standpunt dat de gemeente zich onnodig formalistisch heeft opgesteld.
VdLC publishers/consultants BV, 15 juli 2026
Lees de volledige uitspraak op rechtspraak.nl