Beoordeling was niet in strijd met aanbestedingsstukken (week 24)
Beoordeling van de kwaliteit
Bij de Europese openbare aanbestedingsprocedure aangekondigd voor een kogel- en steekwerend vest van de politie vordert Cooneen om de voorlopige gunningsbeslissing in te trekken en een aangepaste voorlopige gunningsbeslissing te communiceren. Cooneen heeft volgens de rechter niet concreet gemaakt dat de beoordeling van de gunningscriteria K2 en K4 in afwijking van de aanbestedingsstukken heeft plaatsgevonden. Ook heeft Cooneen niet aannemelijk gemaakt dat het uiterlijk van haar vest onjuist en in strijd met de aanbestedingsstukken is beoordeeld. Voor intrekking van de gunningsbeslissing op die grond bestaat dan ook geen aanleiding. (ECLI:NL:RBDHA:2026:14207, Rechtbank Den Haag, Datum uitspraak 28 mei 2026, Datum publicatie 8 juni 2026)
Feiten en omstandigheden
Op 27 februari 2025 heeft de Politie op TenderNed een Europese openbare aanbestedingsprocedure aangekondigd voor de opdracht met de titel “Kogel- en steekwerend vest met Molle-draagsysteem (KSWV) & opschalingsmodule (OM)”. De Politie heeft een Excel-bestand aan de inschrijvers verstrekt met daarin onder meer de volgende gegevens met betrekking tot de deelnemers die voor de gebruikerstest zijn geselecteerd: het model vest (dames of heren), de bovenwijdte, de bandwijdte, de lichaamslengte, voor de dames de taillewijdte en de “Te testen maat volgens maattabel normale maat” (de door de Politie geselecteerde maat op basis van de MENS-maattabel). Cooneen heeft het bedoelde Excel-bestand niet ingevuld retour gestuurd. Cooneen heeft tijdig een inschrijving voor de opdracht ingediend. Bij brief van 25 februari 2026 heeft de Politie aan Cooneen meegedeeld dat de inschrijving van Cooneen als tweede is geëindigd, dat de opdracht niet aan Cooneen zal worden gegund en dat de Politie voornemens is de opdracht te gunnen aan Sioen. Cooneen vordert gedaagden te gebieden om de voorlopige gunningsbeslissing in te trekken en een aangepaste voorlopige gunningsbeslissing te communiceren. Het oordeel van de rechter:
Uiterlijk
“De Politie heeft aangevoerd dat gunningscriterium K3 uitsluitend betrekking heeft op het uiterlijk van het KSWV en dat de deelnemers aan de gebruikerstest niet hoefden te beoordelen of het vest voldeed aan de gestelde eisen. Daarbij heeft de Politie toegelicht dat een aantal deelnemers aan de gebruikerstest het fluogele vest van Cooneen als minder mooi heeft beoordeeld vanwege de zwarte vlakken op het vest. De Politie heeft er naar het oordeel van de voorzieningenrechter terecht op gewezen dat dit subjectieve oordeel met betrekking tot het uiterlijk van het vest onverlet laat dat het vest overigens voldoet aan de door de Politie gestelde minimumeisen. “
Uiterlijk
“Verder heeft de Politie voldoende onderbouwd dat in de aanbestedingsstukken duidelijk is gemaakt dat het KSWV op het uiterlijk zou worden beoordeeld, dat Cooneen daarover geen vragen heeft gesteld en dat zij door haar inschrijving met de bekendgemaakte beoordelingssystematiek heeft ingestemd. Dat de deelnemers aan de gebruikerstest een oordeel hebben gegeven over het uiterlijk van het vest van Cooneen, inhoudende dat zij de zwarte vlakken minder mooi worden, is daarmee in lijn met de vooraf bekend gemaakte beoordelingssystematiek en niet onredelijk. Voor zover Cooneen zich heeft beroepen op de in Bijlage 15 bij de Inschrijvingsleidraad weergegeven afbeelding met specificaties van de fluogele hoes, volgens Cooneen inclusief de voorgeschreven zwarte vlakken, overweegt de voorzieningenrechter dat de Politie hiertegenover voldoende heeft onderbouwd dat de op die afbeelding zichtbare donkere kleur op het vest niet betekent dat het vest op die plek zwart moet zijn, maar dat die donkere kleur correspondeert met een legenda, waarmee de “Ruimte voor Molle (bovenzijde) en Molle-draagsysteem (onderzijde)” wordt aangegeven. Tegen de achtergrond van het voorgaande heeft Cooneen niet aannemelijk gemaakt dat het uiterlijk van haar vest onjuist en in strijd met de aanbestedingsstukken is beoordeeld. Voor intrekking van de gunningsbeslissing op die grond bestaat dan ook geen aanleiding.”
Onvoldoende beschermd
“De Politie heeft er naar het oordeel van de voorzieningenrechter terecht op gewezen dat in Bijlage 7 bij de Inschrijvingsleidraad, met daarin de vragen die de deelnemers aan de gebruikerstest moesten beantwoorden, vragen zijn gesteld met betrekking tot het gebruik van de draagmiddelen aan het vest, de mate waarin de beoordelaar zich beschermd voelde door het betreffende vest en de wijze waarop het geheel van het vest en de OM werd beoordeeld. Daarbij heeft de Politie voldoende onderbouwd dat de deelnemers aan de gebruikerstest in het kader van die vragen in hun oordeel met betrekking tot het gebruik van het KSWV konden meewegen dat de draagmiddelen en het Molle-draagsysteem te gemakkelijk los kwamen en dat zij zich daardoor onvoldoende beschermd voelden. Hiertegenover heeft Cooneen niet concreet gemaakt dat de beoordeling van de gunningscriteria K2 en K4 in afwijking van de aanbestedingsstukken heeft plaatsgevonden. Voor zover Cooneen heeft betoogd dat de Politie heeft nagelaten om specifieke eisen te stellen aan de bevestiging van het Molle-draagsysteem aan het vest, overweegt de voorzieningenrechter dat de Politie in dit verband voldoende heeft toegelicht dat het niet de taak van de Politie is om uitdrukkelijk voor te schrijven hoe een inschrijver de maximale score op de gunningscriteria kan behalen, maar dat het de inschrijver is die inventief moet inschrijven en inzicht moet tonen in de aard van de opdracht en de strekking van de gunningscriteria. Het voorgaande betekent dat ook de beoordeling van de gunningscriteria K2 en K4 geen aanleiding geeft voor intrekking van de gunningsbeslissing.”
De vorderingen van Cooneen worden afgewezen.
VdLC publishers/consultants BV, 17 juni 2026
Lees de volledige uitspraak op rechtspraak.nl