Eigen opleiding Utrecht versterkt structurele kennis voor MKI-beleid
De sleutel tot een succesvol MKI-beleid is structurele kennis in de hele organisatie. Vanuit die gedachte startte de gemeente Utrecht een eigen opleidingsprogramma op. Met praktijkgerichte trainingen zorgt de gemeente zelf voor MKI-vaardige medewerkers én voor draagvlak. (PIANOo, april 2026)
De gemeente startte in 2023 met een meerjarig opleidingsprogramma. Lieske Oostveen, beleidsadviseur Utrecht Circulair, licht die keuze toe: “Levenscyclusanalyse (LCA) en milieukostenindicator (MKI) zijn effectieve instrumenten. Om daarmee als grote gemeente te kunnen sturen op duurzame doelen, heb je intern de juiste kennis nodig. Zeker met een eigen ingenieursbureau, zoals gemeente Utrecht heeft.”
Opleiden in 3 fases
Het opleidingsprogramma bestaat uit 3 fases. De eerste fase richt zich op brede basiskennis in de organisatie. “Ongeveer 250 medewerkers volgden de basistraining. Die medewerkers hebben verschillende functies, van stadsingenieurs tot projectleiders, opdrachtgevers, inkopers en ontwerpers. Zo weten medewerkers vanuit de hele organisatie elkaar vanaf het begin te vinden voor MKI,” vertelt Oostveen.
De tweede fase bestaat uit verdiepende trainingen. Oostveen: “Voor de verschillende functies die met MKI werken, bieden we verdiepende kennismodules. Deze zijn gekoppeld aan concrete praktijkvoorbeelden. ‘Ontwerpen met MKI’ is misschien wel de belangrijkste module. Want verreweg de meeste MKI-beslissingen worden in de ontwerp- en definitiefase gemaakt. Daarnaast hebben we de modules ‘Inkopen met MKI’ en ‘Monitoren met MKI’, die vooral bedoeld zijn voor inkopers en projectleiders.”
In de derde fase gaan medewerkers aan de slag met wat ze leerden. Oostveen: “Bij het eerste project worden zij volledig begeleid door een externe partij. Bij het tweede project kijkt die partij nog wel mee, maar doet de medewerker in principe het werk zelf. Vanaf het derde project doet de externe partij alleen nog de controle achteraf.”
Utrecht blijft kennis actualiseren
De komende jaren blijft Utrecht investeren in kennis. Nieuwe medewerkers volgen een onboardingsmodule over circulariteit en ze kunnen aansluiten bij de basistraining. “Daarnaast delen we resultaten en voorbeeldprojecten,” aldus Oostveen. “Zo blijven medewerkers betrokken. Bijvoorbeeld via nieuwsberichten over onze Circulaire Grondstoffencorridor, een samenwerking met marktpartijen gericht op hergebruik van bouwmaterialen. We zijn daarvoor gestart met een aantal proeven, waarbij we materialen direct hergebruiken.”
Tot slot organiseert de gemeente terugkomdagen. Oostveen: “Projecten duren meerdere jaren. Medewerkers die in 2023 de basistraining volgden, hoeven de kennis soms nu pas toe te passen. De terugkomdagen zijn workshops van een paar uur, om kennis op te frissen en ervaringen en inzichten te delen. Dit draagt enorm bij aan de kennisdeling binnen de organisatie.”
Inzetten op draagvlak
Het opleidingsprogramma voor MKI is stevig ingebed in de organisatie. “MKI staat expliciet in ons beleid ‘Utrecht Circulair’,” zegt Oostveen. “Als middel om van ambities naar concrete resultaten te gaan, en om die structureel te monitoren. Daarnaast krijgen we veel steun vanuit de opdrachtgevers. Daardoor blijft het onderwerp niet bij duurzaamheidsmedewerkers liggen, maar ontstaat er organisatie brede draagvlak. In de Werkgroep Openbare Ruimte, voorheen de Werkgroep Duurzame GWW, sluiten opdrachtgevers elk kwartaal aan bij de voortgang van de MKI-aanpak.”
“Creëren van draagvlak is een culturele ontwikkeling. Door te blijven communiceren, concrete successen te delen en trainingen te koppelen aan de praktijk, laten we zien dat MKI geen aparte functie is; het is onderdeel van ons werk.”
De eerste resultaten zichtbaar
De eerste resultaten zijn inmiddels te zien. Oostveen: “Het project Bernadottelaan in Utrecht-Zuidwest, één van de proeven van de Circulaire Grondstoffencorridor, is een goed voorbeeld. In de bestekfase bepaalden we met een materiaalscan het hergebruik. Daaruit bleek dat 50% van het zand opnieuw inzetbaar was. Het hergebruik van dat zand is toen bewust voorgeschreven in het bestek, in plaats van dat dit werd overgelaten aan de markt. Een MKI-referentieberekening achteraf toonde aan dat vooral de boomgrond nog veel milieu-impact had. Dat is waardevolle informatie voor toekomstige projecten.
Een ander voorbeeld is de MKI-berekening die de gemeente op haar eigen grondstoffen opslagplaats Terwijde heeft laten maken. Hier slaat de gemeente gebruikte materialen uit de openbare ruimte op, repareert ze en maakt ze schoon met het oog op hergebruik. Denk bijvoorbeeld aan stoeptegels, lantaarnpalen en speeltoestellen. Oostveen: “Daaruit bleek dat we met hergebruik van straatstenen en tegels onze MKI als gemeente met ongeveer 25% kunnen verlagen. Daarnaast hebben we inmiddels bij 3 verschillende projecten gezien dat hergebruik niet alleen milieuwinst oplevert, maar ook financieel gunstig kan uitpakken.”
Blijven ontwikkelen
Utrecht blijft inzetten op interne opleidingen en borging van MKI. Oostveen sluit af: “Momenteel werken we aan MKI-instructies per functie, zodat medewerkers MKI effectief in hun taak kunnen integreren. We zijn met een relatief klein team, dus deze verandering kost tijd en toewijding. Het is daarom goed dat we al in 2023 begonnen zijn met het opleiden van medewerkers. Vanaf 2027 komt er wetgeving voor MKI, als gemeente hebben wij al een voorsprong.”
Belangrijkste tips van Oostveen
- Investeer in eigen kennis. Vooral voor grotere gemeenten met een eigen ontwerp- of ingenieursbureau, heb je organisatiebrede LCA- en MKI-kennis nodig.
- Koppel de opleiding aan concrete projecten. Dat laat zien dat MKI bij het dagelijks werk van een gemeente hoort. En zo komen inzichten en lessen uit de praktijk weer in je opleidingstraject terecht.
- Blijf inzetten op draagvlak. Werken met MKI is ook een culturele verandering, en dat kost tijd en energie. Blijf daarom successen en resultaten delen.