Geen concrete evidente beoordelingsfout aannemelijk gemaakt (week 6)
Beoordeling van de kwaliteit
De Gemeente Apeldoorn heeft de Europese openbare aanbestedingsprocedure ‘Overeenkomst Catering gemeentelijke opvang Oekraïne (GOO)’ georganiseerd. Op 3 september 2025 heeft de Gemeente aan Ecolog bericht dat na de herbeoordeling de inschrijving van [bedrijf] is aangemerkt als de inschrijving met de beste prijs-kwaliteitverhouding. Ecolog zegt dat het nieuwe beoordelingsteam buiten de vooraf bekendgemaakte beoordelingssystematiek is getreden door diverse aspecten in de beoordeling te betrekken die niet expliciet in het Beschrijvend Document zijn vermeld. Ecolog heeft volgens de rechter echter geen enkele concrete evidente beoordelingsfout aannemelijk gemaakt, en heeft volstaan met de stelling dat de Gemeente in de voorlopige gunningsbeslissing onvoldoende heeft gemotiveerd wat de kenmerken en relatieve voordelen zijn van de inschrijving van [bedrijf]. (ECLI:NL:RBDHA:2025:27109, Rechtbank Den Haag, Datum uitspraak 1 december 2025, Datum publicatie 2 februari 2026)
Feiten en omstandigheden
De Gemeente Apeldoorn heeft de Europese openbare aanbestedingsprocedure ‘Overeenkomst Catering gemeentelijke opvang Oekraïne (GOO)’ georganiseerd. Ecolog en [bedrijf] hebben tijdig op de opdracht ingeschreven. Op 21 februari 2025 heeft de Gemeente aan Ecolog bericht dat haar inschrijving de inschrijving is met de beste prijs-kwaliteitverhouding en dat de Gemeente voornemens is om de opdracht aan haar te gunnen. Op 18 april 2025 heeft de Gemeente bericht dat zij de aanbesteding intrekt, onder meer vanwege het feit dat zij heeft geconstateerd dat de voorwaarden voor het indienen van het Plan van Aanpak K1 niet volledig transparant zijn. Onduidelijk is volgens de Gemeente of het Plan van Aanpak K1 uit maximaal 5 pagina’s A4 mocht bestaan dan wel 5 pagina’s A4 en 1 pagina A3. Daarnaast geeft de Gemeente als reden voor intrekking dat zij haar inkoopbehoefte opnieuw wenst te onderzoeken. Ecolog heeft naar aanleiding van de intrekkingsbeslissing de Gemeente op 8 mei 2025 in kort geding gedagvaard. In die procedure vorderde Ecolog onder meer een veroordeling van de Gemeente tot intrekking van de intrekkingsbeslissing en een verbod om over te gaan tot heraanbesteding. Bij vonnis van 8 juli 2025 heeft de voorzieningenrechter de Gemeente verboden om (verdere) uitvoering te geven aan de intrekkingsbeslissing van 18 april 2025, zulks met de verplichting om deze intrekkingsbeslissing in te trekken. Daarnaast heeft de voorzieningenrechter de Gemeente geboden om de aanbestedingsprocedure te vervolgen, het Plan van Aanpak K1 van alle inschrijvers te laten herbeoordelen door een nieuw beoordelingsteam en een nieuwe voorlopige gunningsbeslissing te nemen met een nieuwe rechtsbeschermingstermijn. Op 3 september 2025 heeft de Gemeente aan Ecolog bericht dat na de aangekondigde herbeoordeling de inschrijving van [bedrijf] is aangemerkt als de inschrijving met de beste prijs-kwaliteitverhouding en dat de Gemeente voornemens is om de opdracht te gunnen aan [bedrijf] . De inschrijving van Ecolog is blijkens deze brief in de rangorde op de tweede plaats geëindigd. Ecolog vordert de Gemeente te verbieden (verdere) uitvoering te geven aan de voorlopige gunningsbeslissing van 3 september 2025 en de Gemeente te gebieden over te gaan tot intrekking van deze voorlopige gunningsbeslissing. Het oordeel van de rechter:
Geen sprake van een relatieve beoordeling
“Ecolog heeft betoogd dat het nieuwe beoordelingsteam buiten de vooraf bekendgemaakte beoordelingssystematiek is getreden door diverse aspecten in de beoordeling te betrekken die niet expliciet in paragraaf 4.1.2 van het Beschrijvend Document zijn vermeld. Dit betoog faalt. Zoals hiervoor reeds is overwogen, is het niet aan de aanbestedende dienst om exact voor te schrijven wat nodig is om op kwalitatieve gunningscriteria maximaal te scoren. Het is aan de inschrijvers om de gewenste kwaliteit op eigen wijze te leveren. Bovendien heeft de Gemeente gemotiveerd toegelicht dat de door Ecolog ter discussie gestelde beoordelingsaspecten wel degelijk vallen binnen de scope van de in paragraaf 4.1.2 voorgeschreven aspecten E, F, H en J. Ecolog heeft dit onvoldoende gemotiveerd weersproken en reeds daarom wordt de stelling dat het nieuwe beoordelingsteam buiten het beoordelingskader is getreden, gepasseerd. Daarbij tekent de voorzieningenrechter nog aan dat vanwege de vrijheid die inschrijvers toekomt om de gewenste kwaliteit op de uitgevraagde aspecten op eigen wijze te leveren, een onderlinge vergelijking van de inschrijvingen een wezenlijk kenmerk is van het onderhavige type aanbestedingsprocedure (EMVI). Die onderlinge vergelijking is immers noodzakelijk om te bepalen welke inschrijver op welk aspect de beste kwaliteit levert, op grond waarvan vervolgens kan worden vastgesteld welke inschrijver op het desbetreffende subgunningscriterium het beste scoort. Dit betekent – anders dan Ecolog stelt – niet dat sprake is geweest van een relatieve in plaats van een absolute beoordeling.”
Ten onrechte ‘goed’ in plaats van ‘uitstekend’
“Ecolog richt haar pijlen verder vooral op de inhoudelijke beoordeling van haar eigen Plan van Aanpak K1. Zij is het met geen van de in voorlopige gunningsbeslissing van 3 september 2025 genoemde ‘minpunten’ van haar Plan van Aanpak K1 eens en is van mening dat haar Plan van Aanpak K1 ten onrechte is gewaardeerd met een ‘goed’ in plaats van een ‘uitstekend’. De voorzieningenrechter constateert in dat verband dat Ecolog bij een ongewijzigde score van [bedrijf] ook met de door haar betoogde score ‘uitstekend’ niet als winnaar van de aanbesteding uit de bus komt. Ook in dat geval blijft [bedrijf] immers vanwege het prijsverschil de inschrijver die met de beste prijs-kwaliteitverhouding heeft ingeschreven. Ecolog kan dan ook slechts aanspraak maken op gunning van de opdracht als vast komt te staan dat het nieuwe beoordelingsteam op onjuiste gronden de score ‘uitstekend’ aan het Plan van Aanpak K1 van [bedrijf] heeft toegekend. Het is aan Ecolog om – indachtig de terughoudendheid die de voorzieningenrechter bij kwalitatieve beoordelingen dient te betrachten – aannemelijk te maken dat dit beoordelingsteam zich in dat verband heeft schuldig gemaakt aan een of meerdere evidente beoordelingsfouten. Ecolog is daarin naar het oordeel van de voorzieningenrechter geenszins geslaagd. Ecolog heeft in dat verband geen enkele concrete evidente beoordelingsfout gesteld, laat staan aannemelijk gemaakt, en heeft volstaan met de stelling dat de Gemeente in de voorlopige gunningsbeslissing van 3 september 2025 onvoldoende heeft gemotiveerd wat de kenmerken en relatieve voordelen zijn van de inschrijving van [bedrijf] . Dit standpunt levert, indien juist, hooguit een motiveringsgebrek op maar laat de score van [bedrijf] ongemoeid. Bij gebreke van gestelde dan wel aannemelijk gemaakte evidente fouten in de beoordeling van het Plan van Aanpak K1 van [bedrijf] , ontbreekt het Ecolog in deze kortgedingprocedure aan belang bij een inhoudelijke beoordeling van de fouten die volgens haar in het kader van de beoordeling van haar Plan van Aanpak K1 zijn gemaakt. Die inhoudelijke beoordeling kan dan ook achterwege blijven.”
De voorzieningenrechter wijst het gevorderde af.
VdLC publishers/consultants BV, 11 februari 2026
Lees de volledige uitspraak op rechtspraak.nl