Uitsluiting terecht vanwege ontbreken inschrijvingsbiljet (week 5)
Ontbreken inschrijvingsbiljet
De Gemeente Voorschoten heeft een meervoudige onderhandse aanbestedingsprocedure georganiseerd voor het vervangen van beschoeiingen en damwanden. [eiseres] heeft haar inschrijving op 7 juli 2025 om 11.12 uur digitaal via TenderNed ingediend. Op 5 augustus 2025 heeft de Gemeente de inschrijving van [eiseres] ongeldig verklaard omdat [eiseres] het vereiste inschrijvingsbiljet niet tijdig heeft ingediend en dat dit gebrek in haar inschrijving zich niet leent voor herstel. Als gevolg van het feit dat [eiseres] het vereiste inschrijvingsbiljet niet tijdig heeft ingediend, was de Gemeente volgens de rechter gehouden om de inschrijving van [eiseres] ongeldig te verklaren. (ECLI:NL:RBDHA:2025:26989, Rechtbank Den Haag, Datum uitspraak 18 september 2025, Datum publicatie 30 januari 2026)
Feiten en omstandigheden
De Gemeente Voorschoten heeft, daarbij begeleid door de Stichting Regionaal Inkoopbureau IJmond en Kennemerland (RIJK), een meervoudige onderhandse aanbestedingsprocedure georganiseerd voor het vervangen van beschoeiingen en damwanden. [eiseres] heeft haar inschrijving op 7 juli 2025 om 11.12 uur digitaal via TenderNed ingediend. Blijkens het proces-verbaal van opening van de inschrijvingen van 8 juli 2025 zijn in totaal 3 inschrijvingen ontvangen en heeft [eiseres] ingeschreven met de laagste prijs. In het proces-verbaal valt verder te lezen dat in de inschrijvingen geen in het oog springende onregelmatigheden zijn aangetroffen en dat een uitgebreide toetsing op onregelmatigheden op een later moment zal plaatsvinden. [eiseres] heeft op 9 juli 2025 om 14.23 uur via TenderNed bericht dat zij heeft geconstateerd dat zij abusievelijk bij haar inschrijving het inschrijvingsbiljet niet heeft ingediend. Bij dit bericht heeft [eiseres] als bijlage een door haar ingevuld en ondertekend inschrijvingsbiljet gevoegd. Bij voorlopige gunningsbeslissing van 5 augustus 2025 heeft de Gemeente de inschrijving van [eiseres] ongeldig verklaard. Aan deze ongeldigverklaring heeft de Gemeente – kort gezegd – ten grondslag gelegd dat [eiseres] het vereiste inschrijvingsbiljet niet tijdig heeft ingediend en dat dit gebrek in haar inschrijving zich niet leent voor herstel. Het oordeel van de rechter:
Inschrijvingsbiljet
“Het inschrijvingsbiljet diende – anders dan [eiseres] stelt – in deze aanbesteding op straffe van uitsluiting bij inschrijving te worden verstrekt. Dit volgt – zoals de Gemeente met juistheid stelt – uit het ARW 2016, waarvan de hoofdstukken 7 en 9 in het Aanbestedingsdocument op deze aanbesteding van toepassing zijn verklaard. In paragraaf 7.14.2 ARW 2016 is bepaald dat elke inschrijving dient te zijn voorzien van een door de inschrijver ondertekend inschrijvingsbiljet. Tevens valt in deze paragraaf te lezen dat de inschrijver door ondertekening verklaart dat de inschrijving wordt gedaan overeenkomstig de bepalingen van het ARW 2016, met inachtneming van de bepalingen en de gegevens zoals deze zijn omschreven in de toepasselijke aanbestedingsstukken. In paragraaf 3.2.2 van het Aanbestedingsdocument is bepaald dat de inschrijver door ondertekening van het inschrijvingsbiljet verklaart in te stemmen met de inhoud van alle aanbestedingsstukken en verklaart alle gegevens naar waarheid te hebben ingevuld. Uit paragraaf 7.14.6 ARW 2016 volgt dat een inschrijving slechts geldig is indien het inschrijvingsbiljet en alle gegevens die nodig zijn voor de beoordeling van de inschrijving uiterlijk op het uiterste tijdstip voor de ontvangst van de inschrijvingen door de aanbesteder zijn ontvangen. In paragraaf 7.21.1 ARW 2016 is bepaald dat een inschrijving die niet voldoet aan – kort gezegd – de in het ARW 2016 en de aanbestedingsstukken gestelde eisen, ongeldig is.”
Niet tijdig ingediend
“Uit de hiervoor aangehaalde bepalingen uit het ARW 2016 volgt dat het inschrijvingsbiljet op straffe van ongeldigheid uiterlijk op 7 juli 2025 om 12.00 uur door inschrijvers moest worden ingediend. [eiseres] heeft haar inschrijvingsbiljet op 9 juli 2025 om 14.23 uur en daarmee dus niet tijdig ingediend. Als gevolg van het feit dat [eiseres] het vereiste inschrijvingsbiljet niet tijdig heeft ingediend, was de Gemeente gehouden om de inschrijving van [eiseres] ongeldig te verklaren. Dit volgt uit het hiervoor aangehaalde Manova-arrest, waarin is bepaald dat bij het ontbreken van een op straffe van uitsluiting verlangd stuk geen uitzondering kan worden aanvaard op het uitgangspunt dat een aanbestedende dienst bij de beoordeling van inschrijvingen moet uitgaan van de inschrijvingen, zoals deze bij het sluiten van de inschrijvingstermijn zijn ontvangen. De beginselen van gelijke behandeling en transparantie verzetten zich daartegen. Reeds op grond hiervan was het de Gemeente niet toegestaan om met gebruikmaking van haar in paragraaf 7.22.1 ARW 2016 geregelde bevoegdheid [eiseres] gelegenheid te bieden het ontbrekende inschrijvingsbiljet alsnog in te dienen c.q. het alsnog door [eiseres] ingediende inschrijvingsbiljet te accepteren. Dit volgt ook uit artikel 7.22.1 ARW 2016, waarin is bepaald dat uitsluitend van die bevoegdheid gebruik gemaakt mag worden maken voor zover de beginselen van het aanbestedingsrecht daardoor niet worden geschonden. Voor een toetsing van die uitsluiting aan het evenredigheidsbeginsel is – zoals de Gemeente met juistheid heeft gesteld – bij die stand van zaken geen ruimte (vgl. HR 6 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1096).”
Voor zover [eiseres] zich op het standpunt stelt dat zij er op basis van het proces-verbaal van opening van de inschrijvingen gerechtvaardigd op heeft mogen vertrouwen dat haar inschrijving geldig was, dient dit standpunt te worden verworpen. In het proces-verbaal is immers uitdrukkelijk vermeld dat er nog een uitgebreide toetsing op onregelmatigheden zal plaatsvinden. Het beroep van [eiseres] op de 2 door haar aangehaalde uitspraken, waarin een herstelmogelijkheid wel aangewezen is geacht, kan [eiseres] ten slotte evenmin baten, nu in die zaken sprake was van een niet-vergelijkbaar feitencomplex.
VdLC publishers/consultants BV, 4 februari 2026
Lees de volledige uitspraak op rechtspraak.nl