Onnodig formalisme bij aanbesteding architectendiensten Schiphol (week 50)
Referentie | onderaannemer
Schiphol heeft een Europese niet-openbare aanbestedingsprocedure voor diensten georganiseerd onder de titel ‘Lead-architect, Architecten en Airport Consultant’. Schiphol wil de inschrijving van de Combinatie terzijde leggen. Anders dan Schiphol meent heeft de Combinatie volgens de rechter met haar nadere verklaring geen andere of nieuwe aanmelding gedaan dan zij al had gedaan. Het referentiewerk waar de Combinatie zich op beroept is nog altijd hetzelfde. De partij die de ervaring heeft opgedaan is eveneens nog altijd dezelfde. Het vasthouden aan de ongeldigheid van de aanmelding van de Combinatie door Schiphol getuigt volgens de rechter van onnodig formalisme. De rechter gebiedt Schiphol de beslissing tot terzijdelegging van de aanmelding van de Combinatie in te trekken. (ECLI:NL:RBAMS:2025:9403, Rechtbank Amsterdam, Datum uitspraak 25 juni 2025, Datum publicatie12 december 2025)
Feiten en omstandigheden
Schiphol heeft een Europese niet-openbare aanbestedingsprocedure voor diensten georganiseerd onder de titel ‘Lead-architect, Architecten en Airport Consultant’. Het doel van deze aanbesteding is adviseurs te contracteren die Schiphol terzijde kunnen staan bij de uitvoering van een grootschalig investeringsprogramma, dat zich richt op het verbeteren van de infrastructuur, de arbeidsomstandigheden en de dienstverlening aan passagiers en luchtvaartmaatschappijen. De Combinatie heeft zich als gegadigde aangemeld voor percelen 2a t/m 2d en perceel 3 en daartoe een verzoek tot deelname ingediend. In totaal heeft Schiphol voor alle zes percelen samen 124 verzoeken tot deelname ontvangen. De Combinatie is geselecteerd om voor perceel 3 een inschrijving te mogen doen. Schiphol wil de inschrijving van de Combinatie terzijde leggen. De Combinatie vordert Schiphol te gebieden de beslissing tot terzijdelegging van de aanmelding van de Combinatie in te trekken. Het oordeel van de rechter:
Geen nieuwe aanmelding
“Anders dan Schiphol meent heeft de Combinatie met haar nadere verklaring geen andere of nieuwe aanmelding gedaan dan zij al had gedaan. Het referentiewerk waar de Combinatie zich op beroept is nog altijd hetzelfde. De partij die de ervaring heeft opgedaan is eveneens nog altijd dezelfde. Met haar nadere verklaring heeft de Combinatie enkel duidelijk gemaakt dat [eiser 2] zelf de ervaring heeft opgedaan waarop die zich beroept. In zoverre is dit dan ook een andere situatie dan in de door Schiphol aangehaalde uitspraken. Zoals de Combinatie terecht stelt is van enig concurrentievoordeel voor de Combinatie in dit geval geen sprake. Het gebrek is binnen de grenzen van het toegestane geheeld, zonder dat de mededinging in het gedrang komt.”
Formalisme
“Achteraf bezien kan immers objectief worden vastgesteld dat de Combinatie ook voor het einde van de aanmeldtermijn duidelijk had kunnen maken (op de manier zoals zij dat achteraf heeft gedaan) dat de werkelijke ervaring met het referentiewerk bij [eiser 2] en daarmee bij de Combinatie berustte. De Combinatie beroept zich bij haar verduidelijking achteraf niet op feiten of omstandigheden die voor de aanmelding niet reeds aan de orde waren. De verduidelijking achteraf levert in dit geval dus geen nieuwe aanmelding op. Het vasthouden aan de ongeldigheid van de aanmelding van de Combinatie door Schiphol getuigt, zoals de Combinatie terecht stelt, van onnodig formalisme. Anders dan Schiphol meent is het toelaten van de Combinatie niet in strijd met de beginselen van gelijkheid en transparantie. Schiphol heeft de aanmelding van de Combinatie al met al op onjuiste gronden terzijde gelegd.”
Beoordeling andere verzoeken tot deelneming onnodig
“De Combinatie vordert dat de aanmeldingen van de andere gegadigden opnieuw worden beoordeeld aan de hand van de selectiecriteria. Schiphol heeft echter tijdens de mondelinge behandeling in dit kort geding verklaard dat als zij zou worden geboden om de aanmelding van de Combinatie alsnog te beoordelen en te betrekken bij de selectie, zij dat zal doen en zij die beoordeling dan zal meenemen in de uitslag van de desbetreffende percelen. Voldoende aannemelijk is dat een nieuwe inhoudelijke beoordeling van de andere verzoeken tot deelneming onnodig is en zou kunnen leiden tot onwenselijke vertraging in de voortgang van de aanbestedingsprocedure en de verwezenlijking van het investeringsprogramma van Schiphol.”
De voorzieningenrechter gebiedt Schiphol de beslissing tot terzijdelegging van de aanmelding van de Combinatie in te trekken en gebiedt Schiphol de Combinatie weer toe te laten tot de aanbestedingsprocedure in de stand waarin deze zich bevindt, en beveelt Schiphol de aanmelding van de Combinatie alsnog te beoordelen aan de hand van de selectiecriteria, alvorens de aanbesteding voort te zetten.
VdLC publishers/consultants BV, 17 december 2025)
Lees de volledige uitspraak op rechtspraak.nl